Nieuwland maakt deel uit van het tussen de oeverwallen van de Lek en Linge gelegen klei-op-veengebied dat in een relatief laat stadium is ontgonnen. De geschiedenis van het dorp begint rond 1025. Het is een dorp dat net als Leerbroek en andere nederzettingen in de Vijfheerenlanden in 1025 door Jan van Arkel werd gesticht.
Tot ongeveer 1725 werd Nieuwland “Nouland” genoemd, naar de polders Kort en Lang Nouland. Het is niet exact bekend waar deze namen vandaan kwamen. De van Arkels bezaten in Nieuwland een jachthuis en enkele boerderijen het “Groot Bosch” en het “Klein Bosch” genaamd (Smalzijde 24 en 23-25).
Als bouwjaar van de Nederlands Hervormde Kerk wordt ook hier 1025 genoemd. Deze kerk is in 1982 zeer fraai gerestaureerd. Op het kerkorgel, in 1905 gebouwd door bouwmeester Frederik Kruse (1848-1907) en in 1984 gerestaureerd door orgelbouwer Flentrop te Zaandam, wordt iedere zondag tweemaal de kerkdienst begeleid.
Het centrum van het dorp bestaat uit een kruising van wegen naar Arkel, Leerbroek en Leerdam. Zeer fraai is hier de Heul over de Leerbroekse Vliet. De agrarische bevolking heeft in dit dorp de overhand. Zij die niet in de agrarische sector of één der plaatselijke transportbedrijven werken, verdienen hun brood voornamelijk in Gorinchem of Leerdam.
‘s Zaterdagsmiddags wordt ten behoeve van de plaatselijke bevolking een kleine minimarkt gehouden. Op de camping “De Grienduil” aan de Geer kunnen de rustzoekers terecht om te genieten van het weidse polderland. In het buiten het dorp gelegen Merwedekanaal bestaat de mogelijkheid de hengel uit te werpen om een visje te verschalken